Betekenis?

kunst, intuïtie, verhalen, collages en creatieve processen

Archive for the tag “zintuiglijkheid”

Mediteren

Sinds zes weken mediteer ik iedere dag. Waarom?

De relaties tussen bewustzijn, lichaam/hersenen en de wereld zijn heel rijk. In het dagelijks leven zijn we eerder ín de wereld en zíjn we dat complex aan relaties, leven we die relaties, dan dat we ons van het relationele karakter bewust zijn. Laat staan dat we er afstand van nemen. We gaan in onszelf op. We gaan op in de wereld.

Door te mediteren, begin ik te merken, kun je het bewustzijn van die complexe levensvorm die je bent vergroten.

Meditatie is voor mij in eerste instantie een vorm van fenomenologie: door te gaan zitten, met je ogen gesloten (en, om een vorm te hebben, met rechte rug en de benen gevouwen) en een wekkertje te zetten dat de tijd even onbelangrijk maakt (je hoeft er niet op te letten), vereenvoudig je de situatie: er gebeurt niet zoveel, en je neemt je voor niet te reageren op wat wel gebeurt.

Direct blijkt dat die vereenvoudiging geen versimpeling is: zo te zitten opent een enorme rijkdom aan ervaringen. Je bewustzijn blijft zich vullen met tal van inhouden: signalen van je lichaam, gevoelens, gedachten(reeksen), waarnemingen. Inhouden die bovendien met elkaar interacteren – de inhouden voeren je van het een naar het ander. Maar het zo zitten maakt het mogelijk om je ook bewust te worden van dit proces, als proces dat je dus niet zelf bent: ik ben niet mijn gevoelens, ik ben niet mijn lichaamssignalen, ik ben niet mijn waarneming, ik ben niet mijn gedachten of oordelen, maar ik vind ze in mij, kan ze waarnemen en kan ze ook weer laten gaan.

Mijn aandacht is geen slaaf van de bewustzijnsinhouden. Ik kan die inhouden die om het hardst aan mijn aandacht trekken loslaten; mijn aandacht weer naar iets anders brengen. Als je nog maar net zit, dan zijn het glimpen hiervan die je opvangt. Af en toe heeft de aandacht die lucide kwaliteit.

Wat het moeilijker en ingewikkelder maakt, is het gegeven dat de eenvoud van de situatie en de intentie zo aandachtig mogelijk te zijn heel veel bewustzijnsinhouden naar voren laat komen die anders nooit tot je bewustzijn doordringen: veel van wat je in het leven van alledag verdringt, niet wil zien, niet wil voelen, krijgt nu ruimte en toont zich. Dit kan en zal verwarrend en confronterend zijn. Maar die veelheid aan bewustzijnsinhouden die nooit een kans kregen, kun je ook zien als rijkdom: je gaat meer en gedetailleerder waarnemen wie je bent. Al die facetten en aspecten onder ogen zien maakt je vollediger. En ik merk dat de momenten van heldere, niet oordelende aandacht vanaf het begin dat je gaat mediteren al zo goed zijn, dat je eigenlijk alleen maar meer wilt.

Muziek

Afgelopen vrijdag heb ik een gitaar gekocht.

Twintig jaar geleden volgde ik ooit al eens een cursus ‘algemene muziekleer’, omdat ik beter wilde begrijpen wat muziek was en noten wilde leren lezen. Ik begreep er toen helemaal niets van: theorie zonder praktijk bleek voor mij betekenisloos.

Nu probeer ik het andersom: ik volg de instructies in het boekje zonder erbij na te denken. Ik zet mijn vinger waar hij moet staan en sla een snaar aan – dit gaat nog met een hoop kramp en scheve noten gepaard, maar er gebeurt wel iets. Muziek is het nog lang niet wat ik maak, maar de klank van de individuele noten is mooi. En ik leer met welke noot op de notenbalk mijn vinger op de fret en de snaar van de gitaar correspondeert. Meer is het voorlopig niet, ritme en zo komt later wel, maar dát is dus leren noten lezen. En niet, wat ik toen ooit wilde, de noten lezen alsof het gewoon een set tekens was; een soort uitbreiding van taal in woorden.

Muziek is écht iets anders dan taal. En toch verwant eraan? Het is in ieder geval heerlijk. Juist voor iemand die altijd maar talig bezig is als ik. Het niet in woorden kunnen begrijpen is fijn; dwingt me om op een andere manier – gevoelsmatiger, intuïtiever te ervaren.

Mijn conclusie is maar weer eens dat ervaring voor mij voorafgaat of in ieder geval noodzakelijk samengaat met betekenis(systemen). In de wereld zijn, dingen meemaken, zintuiglijk ervaren is het eerste; dan pas ontstaat de mogelijkheid tot systematisering en formalisering. Je kunt muziek pas noteren als je de taal al kent. Je kunt pas noten leren lezen als je ze ervaren hebt.

Klinkt als een open deur, maar voor mij is het toch een ontdekking.

PS Als computers en robots ooit ‘werkelijk’ taal willen kunnen leren, dan moeten ze volgens mij als ervarend, zintuiglijk en willend wezen in de wereld staan. Misschien is dus toch dat wat we bewustzijn noemen noodzakelijk.

Waarneming & schrijven

Waarneming
Soms is de waarneming van een onvoorstelbare helderheid: licht als glas, scherp, doorzichtig, licht dat gulzig ingedronken wordt en verteerd door de ogen; terwijl de geuren van een wolkende stoffigheid zijn, een tactiele smaak overbrengen, een overweldigend textuur-landschap. En de vingertoppen: terugschrikkend vertalend alles wat ze aanraken. En overal, de wind op je huid, de warmte van de zon en de onmiddellijke in alles gevoelde veranderingen als de zon even achter een wolk verdwijnt.
Ik was onlangs in het bos bij De Bilt. Loofbomen, naaldbomen, weide. Harde wind, droge heldere lucht na regen, zon, afgewisseld door losse kleine wolkenschaduwen. Vlijmscherpe zwarte takken in tegenlicht afgetekend tegen het blauw van de lucht. Dode verbleekte takken, hel het zonlicht weerspiegelend in bleke fragmenten tussen het gele heen en weer zwiepende gras. Los afgebroken gras dichterbij in de windrichting maar ook willekeurig plat op de grond. Paaltjes met prikkeldraad ertussen gespannen.
Ineens het gehijg van een hond die voorbijloopt achterlangs het bankje waarop ik lig. Een oude mevrouw volgt. Geruis van de bomen, veraf dichtbij, hard zacht, in golvende wisseling. Windvlagen bestaan, zijn vluchtige, maar werkelijke structuren. Ze hoog ver weg in de boomtoppen constaterend, wacht ik op het moment dat ze mijn zonverwarmde huid zullen raken; die verkoelend – niet onprettig koud, maar ik houd van het branden van de zon.
Ik loop verder. De geur van eiken. Een onbeschrijfelijk groene bomengeur – warm vochtig groen donker, vervuld van stil leven. Ook de ruimtelijkheid is tastbaar. De door de bomen geschapen ruimtes, afstanden, dieptes geven me een plaats een hier een heden. Klein in de bruine holle weg op de humus tussen de harde stammen en dode stronken. Het licht door de bladeren verspreid om de ruimte nog holler homogener beslotener te maken.
Een veer. Een slagpen van waarschijnlijk een ekster. Donker, bijna zwart. Onder bepaalde hoeken het licht weerkaatsend in olieachtig groen, blauw. Nauw in elkaar grijpende haartjes ontspringend aan een harde schacht, de hoofdnerf van een van de bladeren van een vogel. Onder bepaalde hoeken heen en weer bewogen voel ik de luchtweerstand – heen, (de vogel omhoog), sterker dan weer, (de vleugel omhoog).
De paarden zijn prachtig. Glanzend zwart en bruin. Op afstand blijvende geestverschijningen in het oude hoge zaaddragende gras. Maar het zijn scherpe geesten – onontkoombaar aanwezig snuivend kauwend luisterend. Grote ogen kijken op onmenselijke wijze naar je.  
Op de fiets terug naar Utrecht zijn mijn benen van een pijnlijke onwilligheid. Traag tegen de wind in. Brandende ogen zoals zo vaak, een lichte hoofdpijn. Moe. Duizelig. De lucht is heerlijk om in te ademen. In de verte staat de Dom.

Schrijven
Voorzetsels, zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijke naamwoorden en een enkel koppelwerkwoord – daarmee in willekeurige sequenties kan de taal van de waarneming geschreven worden. Zo vrij mogelijke grammatica – hier en daar topzwaar van alle bijvoeglijke naamwoorden, ronkend, rollend, verdrinkend in lange rijen infinitieven, die meer en meer de modaliteit van het moment dat niet eenduidig te beschrijven is verbeelden benaderen – in een sfeer van steeds nauwkeuriger aanduidingen eromheendraaiingen.

Bewustzijn & vrijheid

Enkele losse, niet systematische gedachten over bewustzijn (en vrijheid), in een poging me er een beeld van te vormen

Filosofen hebben het al duizenden jaren moeilijk met de samenhang tussen lichaam en geest. Vooral sinds Descartes, die de twee radicaal van elkaar onderscheidde. Tsja, als je twee zaken radicaal van elkaar scheidt is het niet gek dat het moeilijk wordt om te zien hoe ze samenhangen. Zo werkt het denken nu eenmaal: wat nuttig is om het ene op te lichten uit de duisternis, werpt elders weer schaduwen. Descartes kon door zijn radicale onderscheid het begrip ‘vrijheid’ veilig stellen voor het bewustzijn, terwijl al het lichamelijke bij hem onderworpen werd aan oorzaak en gevolg – dieren waren volgens hem niet meer dan machines; mensen hadden daarbij een vrij bewustzijn dat aan de touwtjes van de machine trok. Maar moeten we wel zo nodig dat vrijheidsbegrip op deze manier redden? Hoe sparen we de kool (lichaam en geest zijn één) en de geit (de mens is geen machine, maar is vrij)?

Ik zie bewustzijn als de manier waarop een dier of mens in het nu in relatie staat tot de buitenwereld: de actuele staat/activiteit van de hersenen via de zintuigen in samenspel met de wereld (en dan kan ‘de wereld’ natuurlijk ook weer je eigen lichaam zijn). Bij ‘zelfbewustzijn’ zit er een ‘lus’ in bewustzijn: het is geen eenvoudige rechtoe rechtaan interactie tussen binnen- en buitenwereld, maar in de rijkdom van de vele processen die tegelijk plaatsvinden is een deel van de binnenwereld betrokken op andere delen van die binnenwereld: waarneming van de eigen activiteit. 

Het Nederlandse woord voor bewustzijn is mooi, omdat ook ‘zijn’ er deel van uitmaakt: dat geeft voor mij de verbondenheid aan met het lichamelijke zijn. Hoe complexer de diersoort, hoe complexer / rijker het bewustzijn. Bewustzijn is daarmee een gradueel begrip – ook bij mensen: soms ben je je bewuster dan op andere momenten; bewustzijn is complex – deels gericht op het een, deels op iets anders; ik ben me van meerdere zaken tegelijk min of meer bewust.

Dat bewustzijn  zo ‘onstoffelijk’ lijkt, zo anders dan andere ‘dingen’, komt doordat het ook geen ding is, maar de dynamische, veranderlijke staat van een ding (waarbij het ‘ding’ je lichaam is). Je bent een ding en bent bewust: bewustzijn is die veranderlijke staat, het samenspel van binnen en buiten. Geheugen, en dat je je op één duidelijke plek in het nu bevindt zorgt voor continuïteit. Er moeten dingen constant blijven, wil het bewustzijn een ‘ik’ kunnen vormen – heftige kermisattrracties verstoren je bewustzijn.

Vrijheid in een soort radicale, ‘goddelijke’ zin bestaat niet volgens mij. Handelingen zijn de uitkomst van de complexe interactie tussen binnen- en buitenwereld. Wel: hoe complexer onze binnenwereld, hoe meer handelingsmogelijkheden zich voordoen in iedere situatie. Vrijheid is doen wat ‘in ons opkomt’: de uitkomst van het proces in de hersenen. En: vrijheid is dat je in de buitenwereld de ruimte hebt om te doen wat er ‘in je opkomt’.

Conceptueel is er vast van alles mis met de bovenstaande overwegingen. Ik weet van alle gedetailleerde filosofische discussies waarin met scherpslijpende argumenten ieder beeld vernietigd kan worden. Dat interesseert me niet voor nu: eerst maar eens een beeld maken. Een gevoelsmatig, mooi, samenhangend, constructief beeld van hoe ik het ervaar. Vanuit dit beeld kan ik verder denken.

Post Navigation

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 230 other followers